Paul ter Heyne's Blog

Ter leering ende vermaeck

Waarom niet gelijk álle reclame uit de publieke ruimte?

Noord-Holland wil als eerste Nederlandse provincie reclame voor vlees, vis en fossiele producten weren uit haar bushokjes. De vraag is waarom niet meteen álle reclame uit de bushokjes of binnen de openbare ruimte van de steden geweerd?

In alle producten zit namelijk een energiecomponent. Er bestaan geen producten die zonder energie of natuurlijke hulpbronnen zijn gemaakt en die niet leiden tot meer afval en uitstoot. De grondstoffen zijn vervoerd door vrachtwagens. Er zijn productiemachines en robots nodig die op brandstof werken of elektriciteit nodig hebben. In het maakproces moet er verhit worden of juist afgekoeld. Er moet verpakt worden. Plastic bestaat uit olie. Papier en karton bestaan uit onder meer hout als fossiele brandstof. Zelfs de zogeheten overhead kost energie. Kantoren hebben verwarming nodig en licht. Printers en computers hebben stroom nodig. Schoonmakers ook. En uiteraard kosten het transport en de opslag van het product ook de nodige energie. Zelfs met de betalingsafwikkeling is energie gemoeid. Denk aan de absurde hoeveelheid energie die benodigd is om cryptomunten te delven.

Dat reclame leidt tot verspilling, milieu-, klimaat- en gezondheidsschade, is inmiddels genoegzaam bekend. Veel reclame is op zichzelf al verspilling, maar voor zover reclame wél effectief is, zet ze aan tot extra consumptie die we eigenlijk niet willen, die slecht voor ons is of die we niet hadden gemist als reclame ons er niet op had gewezen. Het effect van reclame is dus consumptie die niet, of maar gedeeltelijk nuttig is en dat noemen economen verspilling.

Burgemeester Éric Piolle van Grenoble verwijderde al in 2020 alle reclameboodschappen uit zijn stad en deze stad in Zuidoost-Frankrijk was daarmee de eerste reclamevrije stad van Europa. Piolle zei gewoon ‘nee’ tegen reclame en vertelde de inwoners van de stad dat ze niet gedwongen zijn om tussen de reclame-uitingen te leven. Een gedurfde stap, want kon de stad de reclame-inkomsten wel missen?

Veel mensen vergeten dat wij die reclame als consument zelf betalen. Want de kosten van reclame worden doorberekend in de verkoopprijzen en dus op ons afgeschoven. Het is een verdienmodel waarbij de reclamemakers voor nop het stadsbeeld bepalen en niet de gemeente zelf. Als we eens stilstaan bij het feit dat de reclame een onderdeel is van de verkoopkosten en dat alle producten in een wereld zonder reclame 5 tot 20 procent goedkoper zouden zijn, dan kunnen we met het uitgespaarde bedrag heel goed zelf de investeringen in de openbare ruimte bekostigen.

De stap van Noord-Holland is enigszins een symbolisch gebaar. Maar het is een begin! Het aandeel van reclame in de klimaatverandering is veel groter dan de meeste mensen denken. Zelfs groene partijen lijken nauwelijks te beseffen dat er een wereld te winnen valt met inperking van reclame.

Zelfs voor het bedrijfsleven is het een zegen, hoewel het bewustzijn daarvan ontbreekt. Ondernemers zitten gevangen in een systeem van tegen elkaar opbieden. Als Shell adverteert blijft het marktaandeel gelijk, als ze niet adverteert – en de anderen doen het wel – zakt het marktaandeel. Nu de concurrenten ook geweerd worden, speelt dit geen rol meer en besparen ze verkoopkosten, zodat ze de prijzen kunnen verlagen.

Het ontbreekt gemeenten en provincies nu nog aan een juridisch kader om echt stappen te zetten. Toch zijn de inwoners van de gemeente in principe de baas over de publieke ruimte waarin zij verkeren. Het is toch vreemd als zij die niet zelf zouden kunnen vormgeven? Ooit hebben wij om die reden de welstandscommissie ingesteld. We willen voorkomen dat de openbare ruimte wordt volgeplempt met lelijke, niet harmoniërende bouwwerken. De meeste van ons tolereren geen overheidspropaganda, moeten we dan propaganda voor producten vrijelijk toestaan in de openbare ruimte? Reclame is sowieso niet meer van deze tijd. Als ik een product of dienst zoek, of wil weten waar die te verkrijgen is, kijk ik op mijn mobiel. Daarop is alle informatie te vinden en dat doe ik dan op momenten wanneer het mij uitkomt en niet op de willekeurige momenten waarop de marketeer mijn aandacht wil. Wij hebben die lelijke, afleidende en vooral niet duurzame reclame helemaal niet meer nodig in de straat.

Ca. 700 woorden

Comments are closed.

[Top]